woensdag 22 april 2015

De verpleegster en de moslimpatiënt

Een waargebeurd verhaal uit Groot-Brittanniё
Mijn naam is Cassie, ik ben 23 jaar oud. Ik ben afgestudeerd als een gekwalificeerd verpleegster en ik kreeg mijn eerste klus als verpleegster in de thuiszorg.
(de personen in dit verhaal worden hier niet afgebeeld)
Mijn patiёnt was een Engelse heer van in de begin 80 die leed aan Alzheimer. Tijdens de eerste ontmoeting kon ik uit zijn dossier opmaken dat hij een islamitische bekeerling was; hij was dus een moslim. Ik begreep hieruit dat ik rekening moest houden met bepaalde gebruiken die mogelijk tegen zijn geloof zouden indruisen, en dat ik mij aan zou moeten passen aan zijn behoeften. Ik kocht wat halalvlees in en ik lette goed op dat er nergens varkensvlees of alcohol in zat nadat ik een klein onderzoek had gedaan naar wat verboden was in de islam.
Aangezien mijn patiёnt al in een ver stadium van zijn ziekte was, begrepen veel collega’s niet waarom ik zoveel moeite voor de man deed. Maar ik was de mening toegedaan dat iemand die toegewijd is aan zijn geloof respect verdient, ook al zit hij of zij in een positie dat dit niet meer begrepen wordt.
In elk geval ontdekte ik na een paar weken een patroon in bepaalde handelingen bij mijn patiёnt. Eerst dacht ik dat hij bewegingen nadeed die hij van iemand had gezien, maar ik zag hem de handelingen telkens op bepaalde, vaste tijden maken; in de ochtend, in de middag en in de avond. Hij bracht zijn handen omhoog, boog en legde zijn hoofd op de grond. Ik begreep het niet. Hij herhaalde ook een paar zinnen in een andere taal. Ik herkende de taal niet, omdat zijn spraak wat gebrekkig was, maar ik hoorde wel dagelijks dezelfde klanken. En er was nog iets vreemds: ik mocht hem niet voeden met mijn linkerhand, terwijl ik linkshandig ben. Ik voelde aan dat dit te maken had met zijn godsdienst.
Het gebed
Een van mijn collega’s vertelde mij over paltalk als een plaats voor debatten en discussies en aangezien ik geen andere moslims kende behalve mijn patiёnt, leek het mij goed om iemand live te spreken en vragen te stellen. Ik ging naar de ‘afdeling’ islam en kwam uit in de kamer ‘ware boodschap’. Hier kon ik terecht met mijn vragen over de zich herhalende bewegingen en men vertelde mij dat deze handelingen onderdeel uitmaken van het gebed. Ik geloofde het eerst eerlijk gezegd niet, totdat men mij een link mailde van het islamitisch gebed op You Tube.
Ik was geschokt. Een man die zijn kinderen niet meer kende; die niet meer wist wat voor beroep hij had gehad; die nauwelijks nog kon eten en drinken, kon zich wel de handelingen van het gebed herinneren. En dat niet alleen; hij bleek ook in staat te zijn de verzen op te zeggen in een andere taal. Dit was ongelooflijk. Ik was er nu van overtuigd dat deze man toegewijd was aan zijn geloof. Ik wilde hier meer van weten, zodat ik hem nog beter kon helpen.
Ik kwam zo vaak als mogelijk in de paltalk-kamer en ontving een link met de vertaling van de Quran, waar ik naar luisterde. Het hoofdstuk ‘De Bij’ gaf mij de rillingen en ik luisterde er meerdere malen per dag naar. Ik sloeg een recitatie uit de Quran op op mijn iPod en liet het door mijn patiёnt beluisteren. Hij glimlachte en begon te huilen. En toen ik de vertaling las, begreep ik waarom.
In principe was het mijn intentie om kennis op te doen om voor mijn patiёnt te kunnen zorgen, maar zo langzamerhand begaf ik mezelf steeds vaker in de kamer om antwoorden op vragen te vinden voor mij zelf. Ik had nooit de tijd genomen om mijn leven te overdenken. Mijn vader kende ik nauwelijks; mijn moeder was gestorven toen ik 3 jaar oud was. Mijn broer en ik werden opgevoed door onze grootouders die vier jaar geleden overleden waren. Wij bleven over met zijn tweeёn. Ondanks al deze verliezen dacht ik gelukkig te zijn, tevreden.
Ik wilde voelen wat hij voelde
Het was dat ik tijd doorbracht met mijn patiёnt, dat ik voelde dat ik iets miste. Ik miste het gevoel van vrede en rust die mijn patiёnt ondanks zijn lijden ervoer. Ik wilde dat gevoel ergens bij te horen; ik wilde wat hij voelde ondanks het feit dat hij alleen was.
Van een dame op paltalk ontving ik een adressenlijst met moskeeёn en ik bracht een bezoek aan een van de moskeeёn. Ik keek naar het gebed en ik kon mijn tranen niet bedwingen. Vervolgens werd ik elke dag naar de moskee toegetrokken en de imam en zijn vrouw gaven mij boeken en bandjes en beantwoorden graag alle vragen die ik had.
Elke vraag die ik stelde in de moskee of op paltalk werd met zo’n duidelijkheid en diepgaandheid beantwoord dat ik het wel accepteren moest. Ik had nooit een godsdienst aangehangen, maar ik geloofde wel in God; ik wist alleen niet hoe ik Hem aanbidden moest.
Op een avond kwam ik weer op paltalk en stelde een van de sprekers mij een vraag via de microfoon. Hij vroeg me of ik nog vragen had, maar die had ik niet. Hij vroeg me of ik tevreden was met de gegeven antwoorden en ik bevestigde dit. Toen vroeg hij waarom ik de islam niet wilde accepteren, maar ik kon hem geen antwoord geven. De volgende ochtend ging ik naar de moskee om het ochtendgebed te zien. De imam stelde mij dezelfde vraag, maar opnieuw zat ik met mijn mond vol tanden.
Vrede
Daarna toog ik naar mijn patiёnt. En pas toen ik tijdens het voeden in zijn ogen keek, realiseerde ik mij dat hij op mijn pad gekomen was met een reden en dat de enige reden om de islam niet te accepteren angst was. Niet bang in de zin van dat het niet goed voor mij zou zijn, maar ik was bang dat ik de islam niet waardig zou zijn, niet zoals deze man.
Die middag ging ik naar de moskee en vroeg de imam of ik mijn getuigenis af kon leggen, de Shahada: "Ashadoe an la ilaha ilallah wa ashadoe anna Mohammadan rasoeloellah". Er is geen god behalve Allah en Mohammed is Zijn Boodschapper. Hij begeleidde mij bij het opzeggen en gaf uitleg over wat er van mij verwacht werd nu.
Ik kan het gevoel dat ik op dat moment had niet onder woorden brengen. Het was alsof ik wakker werd en alles heel helder zag. Het was een gevoel van overweldigende vreugde, van helderheid en vooral van….vrede.
De eerste persoon aan wie ik het vertelde was niet mijn broer, maar mijn patiёnt. Ik ging naar hem toe en zelfs voordat ik mijn mond opende om het te vertellen huilde hij en glimlachte naar mij. Ik brak op dat moment in zijn bijzijn; ik was hem zoveel dank verschuldigd.
Bij thuiskomst herhaalde ik mijn Shahada in de paltalk-kamer. Ze hebben me vervolgens allemaal geholpen en ook al had ik nog nooit een van hen gezien, ze waren mij nader dan mijn eigen broer. Uiteindelijk belde ik mijn broer op om het te vertellen. Hij was er niet blij mee maar steunde me en zei dat hij er voor me zou zijn. Dat was meer dan ik kon wensen.
In de eerste week als moslim overleed mijn patiёnt in zijn slaap terwijl ik voor hem zorgde. Inna lillahi wa inna ilaihi radjioen. Hij stierf een vreedzame dood en ik was de enige persoon die bij hem in de buurt was. Hij was als de vader die ik nooit heb gehad, en hij was mijn poort naar de islam. Vanaf de dag dat ik mijn Shahada deed en zolang als ik leef, zal ik bidden dat Allah hem genadig zal zijn en dat hij van elke daad die ik verricht de tienvoudige beloning ontvangt. Ik houd van hem in naam van Allah en ik bid iedere avond dat ik ook maar een fractie mag worden van de moslim die hij was.
Islam is een geloof met een open poort; het is toegankelijk voor degenen die er naar binnen willen. Allah is werkelijk de Meest Barmhartige, De Meest Genadevolle.
(Onze zuster Carrie stierf in 2010 – Inna lillahi wa inna ilaihi radjioen – nadat ze haar broer had uitgenodigd om moslim te worden en hij de uitnodiging accepteerde, alhamdoelillah)

Geen opmerkingen: